Verplichte vermelding van de herkomst van vlees

Geachte klanten,
wij willen u informeren over de verplichte vermelding van de oorsprong en herkomst van vlees op de kassabon door bedrijven zoals slagerijen en winkels met een vleesafdeling, volgens wet 4492. Hieronder vindt u de betreffende bepalingen ter volledige informatie (niet-officiële vertaling).
WET nr. 4492 — Staatscourant (ΦΕΚ) Α΄ 156/18.10.2017
Distributie van en handel in verse en bederfelijke landbouwproducten en andere bepalingen.Hoofdstuk A — Handelstransacties in verse en bederfelijke landbouwproducten – betalingsachterstanden
Artikel 9. Verplichte vermelding van oorsprong en herkomst van vlees
Bedrijven zoals slagerijen en winkels met een vleesafdeling die voorverpakt of onverpakt vers, gekoeld vlees en bevroren vlees van runderen, varkens, schapen en geiten en pluimvee verkopen in de detailhandel, evenals gehakt, orgaanvlees en andere eetbare delen, zijn, naast hun andere verplichtingen inzake de vermelding van oorsprong en herkomst van vlees volgens de geldende Europese en nationale wetgeving, verplicht om:
a) De vleessoort en het land van oorsprong of de landen van opfok — waarbij het eerste land van opfok het geboorteland is en het laatste het land van slacht — voluit of afgekort te vermelden op de documenten die worden uitgereikt door het fiscale elektronische apparaat (ΦΗΜ) dat zij gebruiken, zoals kassa’s, fiscale printers, autonome fiscale verwerkingseenheden (ΑΔΗΜΕ) of speciale beveiligde fiscale signeerapparaten (ΕΑΦΔΣΣ), samen met het gewicht van de verkochte hoeveelheden. De term “oorsprong” wordt alleen gebruikt voor vlees van dieren die in één enkele lidstaat of één derde land zijn geboren, opgefokt en geslacht, en dus volledig daar zijn geproduceerd. In het bijzondere geval van rundvlees “in Griekenland opgefokt, ouder dan 5 maanden” mag in plaats van de landen van opfok de vermelding “in Griekenland opgefokt, ouder dan 5 maanden” worden gebruikt.
b) Het maandelijkse artikel-“Z”-rapport van het fiscale elektronische apparaat dat zij gebruiken, en waar van toepassing het artikel-“X”-rapport, ter beschikking te stellen van de bevoegde controle-instanties. Het artikel-“Z”-rapport mag vóór het einde van de maand worden afgedrukt als het bedrijf eerst de bewegingen vóór de nulstelling afdrukt die niet in een eerdere afdruk staan (een artikel-“X”-rapport over de periode sinds het vorige “Z”-rapport).
c) Bij kassa’s de artikelen in de kassa te programmeren, waarbij de bediener bij elke verkoop het exacte gewicht van elk verkocht product invoert. Als de kassa geen gewogen artikelen herkent, moet de bediener bij elke verkoop het exacte gewicht van elk verkocht artikel onder de bijbehorende artikelcode invoeren. Waar een bedrijfsbeheertoepassing het fiscale elektronische apparaat aanstuurt, kunnen de bevoegde controle-instanties tijdens een controle ter plaatse daaruit informatie opvragen.
d) Het maandelijkse artikel-“Z”-rapport van hun fiscale elektronische apparaat drie (3) jaar te bewaren vanaf de datum van verkoop van het vlees. De naleving van de verplichtingen van dit artikel wordt gecontroleerd en er worden sancties opgelegd zoals voorzien bij de toepassing van de Verordeningen (EG) 178/2002, (EG) 882/2004, (EU) 931/2011 en (EU) 1337/2013.
Artikel 15. Overgangsbepalingen
2. Binnen zes (6) maanden na de inwerkingtreding van deze wet passen bedrijven die voorverpakt of onverpakt vers, gekoeld vlees en bevroren vlees van varkens, schapen en geiten en pluimvee verkopen in de detailhandel, evenals gehakt, orgaanvlees en andere eetbare delen, zich aan de eisen van artikel 9 aan.
De volledige wet (in het Grieks) leest u in Staatscourant Α΄ 156/18.10.2017 (opent in een nieuw tabblad).
Vertaald uit de oorspronkelijke Griekse mededeling.